Waarom eten we eieren met Pasen

Inleiding

Pasen staat alweer bijna voor de deur. Een christelijk feest met een vrolijk tintje. De meeste mensen genieten tijdens Pasen van een heerlijk paasontbijt of een heerlijke paasbrunch en de kinderen vinden het helemaal te gek om paaseieren te zoeken. Hoe je het ook wendt of keert: bij het Paasfeest kunnen we de paaseieren niet meer wegdenken. De paashaas is een bekend symbool, evenals de geschilderde hardgekookte eieren. Maar waarom staan eieren zo centraal bij het Paasfeest? Waarom eten we eigenlijk eieren met Pasen?

Oorsprong van het eieren eten

Vroeger, toen we nog geen voedingsmiddelen op chemische of mechanische wijze produceerden, toen er nog geen kassen waren en dergelijke, kortom toen de voedselproductie nog niet beïnvloed werd door menselijke uitvindingen, waren er in de lente maar weinig voedselwaren ter beschikking. De winter had immers flink huisgehouden, de kou had alle gewassen dood doen vriezen. Het nieuwe jaar was begonnen en de mensen hadden iets nodig om te eten. Eieren waren op dat moment vaak een van de enige voedingsmiddelen, daarom werden er rond het Paasfeest eieren gegeten: de mensen hadden niets anders. Ook werd op dat moment geloofd dat eieren een bijzondere functie hadden: ze gaven de mensen en hun lichaam kracht (na bijvoorbeeld de Vastentijd).

Maar eieren hadden ook een erg symbolische functie: Pasen is het feest waarbij het nieuwe leven gevierd wordt. Dit heeft te maken met de verhalen rondom Jezus Christus. Eieren en kuikentjes die uit eieren voorkomen, staan symbool voor het nieuwe leven. Gelovige mensen denken bovendien vaak dat een ei centraal staat voor het graf en dan voornamelijk voor de grafsteen die gebruikt werd om het graf van Christus af te sluiten. Met Pasen werd deze grafsteen weggehaald en ontdekten de mensen dat Jezus niet meer in het graf lag: een rollend ei lijkt op een rollende steen. 

Eieren beschilderen

Ook het schilderen van eieren is iets wat vroeger gedaan werd. Er bestonden toen echter nog geen kleurstoffen of verf om de eieren te schilderen, dus men moest het op een andere manier aan te pakken. Ze kleurden de eieren door natuurlijke kleurstoffen te gebruiken. Ze legden de eieren in water en voegden daar een ingrediënt als kleurstof aan toe. Door de eieren hard te koken in het gekeurde water werden de schillen (en de eieren van binnen) ook gekleurd. Voor een optimaal effect werden toentertijd vaak alleen de eieren met witte schil gebruikt. Deze namen de kleurstoffen beter op dan eieren met een gekleurde schil.

De eieren konden zowel geel, rood, roze, groen en paars gekleurd worden. Voor de gele kleur werden uienschillen gebruikt. Roze en paarse kleur werden verkregen door het gebruik van bieten. Spinazie zorgde voor een groene kleur en lindebloesem wist de eieren een roze kleur te geven. Dit kun je nu nog steeds thuis proberen. Misschien wel net zo goedkoop (en gezonder!) dan dure verf. 

Conclusie

Eieren spelen bij Pasen een aanzienlijk grote rol, daar valt niet over te twisten. Deze traditie is lang geleden ontstaan. Wanneer Pasen vroeger aanbrak, was er niet veel eten voorhanden. De meeste mensen leefden rond de lente van eieren. Bovendien waren eieren een goed voedingsmiddel na een lange Vastentijd. Het ei en het kuikentje staan bovendien symbool voor het nieuwe leven, evenals dat gelovige mensen geloven dat het ei symbool staat voor de wegrollende grafsteen bij het graf van Christus. Naast het eieren eten, kent ook het eieren schilderen een oorsprong lang geleden. De mensen gebruikten toentertijd alleen geen chemische verfstoffen, maar enkel natuurlijke verfstoffen. 

Bron afbeelding: Wikimedia Commons, Donar Reiskoffer