Wat is een optische illusie

Inhoud

Inleiding

Een optische illusie is simpel gezegd het foppen van je brein, ook wel gezichtsbedrog genoemd. Je ogen nemen iets waar wat de hersenen anders interpreteren dan dat de werkelijkheid is. De informatie die via de ogen verkregen wordt, zal in je brein namelijk maar voor 20% gebruikt worden om een beeld te vormen. De rest wordt door de hersenen zelf aangevuld. Dit doen ze door middel van eerdere ervaringen, verwachtingen en andere zintuigen. De foutjes die in het proces ‘zien’ optische illusies leveren kun je grofweg in twee categorieën onder verdelen. De hersenen vullen de basis van 20% verkeerd aan of de informatie verkregen via het oog klopt niet.


Oorzaken van gezichtsbedrog

De eerste categorie kan gezien worden als het fout interpreteren van signalen door de hersenen

Onmogelijke figuren / Escher

De volgende afbeeldingen laten zien hoe gemakkelijk het brein ons voor de gek kan houden. Bij de eerste indruk lijkt de figuur te kloppen. Pas na een aantal seconden zal de ‘onmogelijkheid’ beginnen te dagen.

Escher is wereldwijd beroemd geworden om zijn onmogelijke figuren. Het spelen met perspectief leverde hem de bekende ‘waterval’ en ‘onmogelijke trappen’ op. Bovendien waren symmetrische tekeningen een andere specialiteit van hem. Meer leren over Escher?


Ambigue figuren

Ambigue betekent dubbelzinnig of meerduidig. Het zijn afbeeldingen die je op meerdere manieren kunt interpreteren. Het duurt meestal even voordat de tweede interpretatie gevormd wordt. Daarna is het gemakkelijk om snel te wisselen tussen beide beelden. Het is onmogelijk om beide beelden tegelijkertijd te zien.

De laatste ambigue figuur hieronder verdient extra aandacht. Links is een woedend gezicht te zien en rechts een neutraal gezicht. Ga nu op een afstand van 5 meter van je beeldscherm staan en word verrast.

Image:Illusie25.jpg


Patroonherkenning

De informatie verkregen door het oog is niets meer dan een verzameling gekleurde punten. Zoals eerder gezegd zullen de hersenen deze informatie verwerken zodat ze bruikbaar wordt. Patroonherkenning speelt daarin een belangrijke rol. Met deze gave kan uit een chaos toch nog nuttige verbanden gevonden worden. Hieronder is in feite niets meer dan een zwart-witte vlekkenchaos te zien. Bepaalde mensen zien er toch een dalmatiër in. Als deze eenmaal gevonden is, zal het brein deze ervaring vastleggen. De volgende keer wordt de hond meteen herkend. Naast de hond staan er meer voorbeelden waar patronen in te herkennen zijn.

Rechte lijnen

De eigenschap van je brein om patronen te herkennen komt meestal goed uit. In de volgende gevallen helaas niet. De volgende figuren bevatten allemaal rechte lijnen of concentrische cirkels. Je hersenen vertellen je het tegenovergestelde. Dit komt omdat je hersenen de zwart-wit patronen belangrijker vinden. Deze patronen lijken een kromming weer te geven. Omdat je geen vergelijkingsmateriaal in de omgeving hebt, zal die illusie ook blijven.


Diepte

Om diepte te kunnen zien moet we de omgeving gebruiken. Alleen dan kunnen we afschatten welke richting iets heeft. Als je niets in de omgeving hebt dat zou kunnen helpen heb je moeite om diepte te zien. In de volgende afbeeldingen kan je telkens verschillende richtingen zien van de figuren.

Hieronder staat een link naar een filmpje dat aantoont dat je toch echt referentie nodig hebt, wil je de juiste diepte verbeelden. Het masker draait rond en zowel langs de voorkant als de achterkant lijkt er een realistisch gezicht te bestaan met de juiste diepte.

Prachtige illusie.

Grootte

Je hebt de omgeving nodig om de vorm en richting van een object te bepalen. Maar juist de omgeving kan ook helpen aan een illusie. Zo worden van lijnen die naar elkaar toe lopen verwacht dat ze diepte creëren. Een object dat zich in de gecreëerde diepte bevindt, zal door je brein als groot worden bestempeld. Een object met dezelfde afmetingen voor je neus zal dan kleiner lijken dan het object in de gecreëerde diepte.

Bij de afbeelding met de bollen wordt de rode bol vergeleken met de bollen om zich heen. Zo lijken de twee rode bollen te verschillen qua grootte. Dat is natuurlijk niet zo.

Maanillusie

Een maan aan de hemel lijkt kleiner dan een maan aan de horizon. Deze illusie is gemakkelijk te verklaren. Om de grootte van een object te bepalen gebruiken je hersenen de omgeving als referentie. In de hemel kan je de maan met niets vergelijken. Aan de horizon echter zijn er meestal genoeg objecten. Zo weet je bijvoorbeeld van een berg aan de horizon dat deze kilometers groot is. Een maan die dicht bij een berg te zien is, zal dan groter lijken dan wanneer hij zich moederziel alleen in de hemel bevindt.

Bewegende figuren

De mens heeft zichzelf trucjes aangeleerd. Een van de belangrijkste is de truc om situaties in te schatten en te voorspellen wat er gebeurd. Patronen worden herkend en de hersenen vullen de verwachting in. Op deze manier zou een mens iets aan kunnen zien komen wanneer er gevaar dreigt. Uiterst handig. Maar deze gave kan dus ook illusies veroorzaken. De patronen in de volgende plaatjes lijken te bewegen. Dit komt dus doordat de hersenen een bepaalde verwachtingen heeft van de patronen.


De illusie word in stand gehouden doordat je ogen iedere seconde 50 keer van positie verandert. De verwachting van beweging blijft dus duren. Als je echter naar een punt in de afbeeldingen blijft staren, zal je merken dat alles stilt komt te staan.

Linksom of rechtsom?

Je hersenen bestaan uit twee helften. Allebei met eigen taken. Zo regelt de rechterhersenhelft bijvoorbeeld alle bewegingen in het linkerdeel van je lichaam en andersom.

Met de volgende optische illusie van het draaiende meisje kan je uitvinden welke hersenhelft de overhand heeft. Draait het meisje met de klok mee dan is je rechterhersenhelft dominant. Andersom geldt natuurlijk ook dat je linkerhersenhelft het meest gebruikt wordt wanneer het meisje tegen de klok in draait.

Het is mogelijk om zelf het meisje de andere kant op te laten draaien. Je moet dan goed focussen. Als je op haar benen of voeten let, gaat het meestal sneller.

Het wiel is hetzelfde soort principe optische illusie. Deze kan zowel links- als rechtsom draaien.

Mocht je moeite hebben om de figuren de andere kant op te laten draaien, doe dan even je ogen dicht en bedenk de kant waar je hem heen wilt laten draaien. Het vermogen om iets te visualiseren werkt meestal sterk.

Contrastillusie

Om de helderheid van een kleur te bepalen, gebruiken de hersenen contrasten van omliggende vlakken. Grote contrasten wegen zwaarder dan kleinere contrasten. Het schaakbord hiernaast bestaat uit sterke contrasten. De groene cilinder die een schaduw werpt op het schaakbord zorgt echter voor kleinere contrasten. Je hersenen die dus overwegend grotere contrasten gebruiken zullen zeggen dat A dan nooit dezelfde kleur als B kan hebben. Terwijl dit toch echt zo is! Het bewijs is ernaast geleverd.

Vierkanten A en B hebben precies dezelfde kleur!
Vierkanten A en B hebben precies dezelfde kleur!
Het bewijs
Het bewijs
Een ander duidelijk voorbeeld is rechts weergegeven. In de figuur lijkt de linkerkant lichter dan de rechterkant wat natuurlijk niet zo is. Dit wordt veroorzaakt doordat je hersenen contrasten zo groot mogelijk maken in het punt waar je jezelf op dat moment op fixeert. Dus zal een balk van dezelfde kleur grijs in een donkere omgeving lichter lijken en andersom.




De tweede categorie is gebaseerd op eigenschappen van het menselijk oog

Laterale Inhibitie

Een letterlijke vertaling van het begrip ‘Laterale inhibitie’ is ‘zijdelingse remming’. Dat is dan ook precies wat er in het oog gebeurd. Wanneer er licht op een zenuwcel in het oog valt, zal deze een signaal zenden naar de hersenen. De zenuwcel die ernaast ligt zal precies hetzelfde signaal door middel van inhibitie of te wel remming onderdrukken. Dit zorgt ervoor dat zenuwcellen minuscule verschillen kunnen waarnemen.

Als je jezelf ergens op fixeert wordt ervoor gezorgd dat de contrasten daar het grootst zijn. Mocht er ergens anders in je gezichtveld hetzelfde contrast aanwezig zijn dan zorgt het mechanisme laterale inhibitie ervoor dat je toch verschillen ziet. In de afbeelding hierboven zullen je zenuwcellen die de omgeving registreren overwegend zwart zien. De paar zenuwcellen die wel wit zullen waarnemen worden onderdrukt. Op die manier zal het lijken alsof je overal zwart ziet. Dit effect wordt weer ongedaan gemaakt op het moment dat je met je ogen fixeert op een kruispunt dat vanuit je ooghoeken zwart leek.

Image:Illusie4.gif Image:Illusie3.jpg

Een tweede voorbeeld van laterale inhibitie is rechtsboven weergegeven. Misschien heb je al de vrijheid genomen om zelf te ontdekken wat de illusie is. Als het goed is heb je gemerkt dat het wit middenin de afbeelding feller lijkt dan het wit in de omgeving. Dit komt omdat je gefixeerd bent op het midden. Je ogen zullen het contrast aan de buitenkant verzwakken waardoor het wit in het midden dan feller lijkt.

Onder zie je een laatste voorbeeld waar laterale inhibitie aan het werk is. Blijf staren naar het plusje in het midden. Je zal opmerken dat de paarse stippen geleidelijk verdwijnen.

Afbeelding:Illusie12.gif


Nabeeld

Blijf staren naar de zwarte stip in het midden

Het beeld verkregen door onze ogen hebben we te danken aan miljoenen lichtgevoelige cellen in het oog. Deze zijn onderverdeeld in 120 miljoen staafjes en 6 miljoen kegeltjes. Staafjes zijn er om contrasten waar te nemen. Ze kunnen contouren onderscheiden aan de hand van contrasten. De kegeltjes nemen de drie hoofdkleuren rood, blauw en groen waar. Met deze drie kleuren kun je oneindig veel combinaties maken en dus ook oneindig veel kleuren zien.

Deze informatie is nodig om een nabeeld te kunnen begrijpen. Op het moment dat je naar een rood vlak kijkt zullen de kegeltjes gevoelig voor rood deze kleur waarnemen. Doen ze dit langer als normaal dan worden ze moe. De rode kegeltjes stoppen tijdelijk met het doorsturen van prikkels. Aangezien wit een combinatie is van alle kleuren, zullen de kegeltjes gevoelig voor blauw en groen licht waarnemen. De uitgeputte rode kegeltjes geven geen signalen door. Op deze manier zal je een combinatie van blauw en groen zien terwijl je in feite naar een wit kijkt. Wees gerust, na een paar seconden zullen je kegeltjes gevoelig voor rood licht weer aan het werk gaan en de kleur complementeren naar wit.

Dit effect kan handig gebruikt worden. Om een nabeeld te creëren dat realistische kleuren bevat moet je voor 20 seconden naar het negatief kijken van de afbeelding. Een negatief bestaat uit wit minus de oorspronkelijke kleuren. Als je dan langdurig naar een negatief staart zal je bij een witte kleur, wit minus negatief zien en dus de kleuren zoals het hoort. Hieronder een paar voorbeelden.

Overige illusies

  • Het Droste-effect

Het Droste-effect is een goed voorbeeld van recursie. Recursie is een constructie die zichzelf bevat. In dit geval een afbeelding die een afbeelding van zich zelf heeft. Dit zou oneindig door kunnen gaan. In een afbeelding heeft dit een beperking door de resolutie, maar in een filmpje kan dat eindeloos doorgaan.

Afbeelding:illusie28.gif

  • Continuous motion

De stad lijkt steeds dichter op je af te komen. In feite zijn het twee plaatjes die snel afgewisseld worden.

Afbeelding:illusie42.gif

Tips

http://zoomquilt.org/

Fascinerend hoorspel, alleen met koptelefoon luisteren.

Links

http://visualfunhouse.com/


top

Antwoord niet gevonden?

Aangepast zoeken
Plaatsen/stemmen op Grubb Tip dit artikel! Plaatsen/stemmen op Bligg.be Toevoegen aan Symbaloo Stumble it! Voeg dit artikel toe aan Del.icio.us Toevoegen aan Furl Voeg toe aan je Google bladwijzers

Copyright 2008-2010 http://www.leerwiki.nl