Wie is BB King

Inleiding

Met het verscheiden van John Lee Hooker enige jaren geleden is BB King een van de laatste nog levende pioniers die de naoorlogse blues en daarmee alle daaropvolgende populaire muziekstromingen hielp vormgeven. Een portret van de levende legende.

Psyche

BB King wordt op 16 september, 1925 in Ita Benna, Mississippi, een gehucht op een steenworp afstand van Indianola, geboren als Riley King. Als hij vier jaar oud is scheiden zijn ouders. Vijf jaar later komt zijn moeder te overlijden aan een geheimzinnige ziekte waardoor de dan negenjarige Riley voortaan in zijn eigen levensonderhoud moet voorzien. Het verklaart wellicht de psyche van de man die zich nooit heeft kunnen binden. De twee huwelijken die King aanging in zijn leven liepen op de klippen. Existentiële onrust zal zijn leven en werk dan ook altijd in hoge mate blijven beïnvloeden.

On the road

Enige geborgenheid vindt hij in het geruststellende leven on the road. BB King heeft alle maatschappelijke en muzikale ontwikkelingen van ruim vijf decennia aan zich voorbij zien trekken als een film vanachter het raam van een toerbus. Stilzitten is er niet bij. Zijn creatieve ondernemingsgeest is welhaast legendarisch. Op zijn twaalfde krijgt hij een stukje grond om te pachten. Zaterdags als hij de blues op straat speelt verdient hij het dubbele. 'Als ik gospel speelde, kreeg ik een schouderklopje.', vertelt hij in een tv-documentaire. 'Dat men de Heer prees vonden de mensen vanzelfsprekend. Speelde ik echter de blues dan begonnen mensen steeds verzoeknummers te vragen die doorgaans beloond werden met een vette fooi.'

Radio

In de tweede helft van de jaren veertig van de vorige eeuw beseft King dat hierin zijn toekomst ligt. Op instigatie van Sonny Boy Williamson II werkt hij enige tijd als diskjockey voor een radiostation. Een van de staf-dj's is de beroemde Rufus Thomas die later als soulzanger faam zal maken. In een oud interview herinnert de inmiddels overleden Thomas zich dit als de dag van gisteren. 'BB zong de tekst voor een reclamejingle voor Pepticon, een geneeskrachtig wonderdrankje dat het vooral moest hebben van zijn hoge alcoholpercentage. Daar trok hij zelfs live mee door het land. Een afgrijslijk deuntje, maar dat die jongen talent had was overduidelijk. Ik organiseerde elke week een amateur-avond en BB was altijd present, telkens weer met een nieuw liedje. Dat hij heel groot zou worden was enkel een kwestie van tijd.

Platen

De periode van 1950 tot 1962 is de toptijd van BB King en verschijnen er platen van hem op diverse labels. Bivakkeert zijn debuutsingle Miss Martha King nog in de onderste regionen van de hitlijsten, opvolger Three O' Clock Blues schopt het in 1952 tot nummer 1. Een hele rits hits volgen waaronder Woke Up This Morning, Please Love Me, You Upset Me Baby, Every Day I Have The Blues (in 1955 zijn eerste millionseller), Sweet Little Angel, Sweet Sixteen en Rock Me Baby. Vanaf 1962 scoort hij bij ABC, dat later wordt overgenomen door MCA, met Don't Answer The Door, Why I Sing The Blues en The Thrill Is Gone, in 1970 zijn tweede miljoenenhit en een bescheiden revolutie binnen de bluesgoegemeente vanwege het gebruik van strijkers. In die tijd krijgt hij zijn bijnaam Beale Street Blues Boy (Naar de beruchte straat in Memphis waar alle muziekclubs gevestigd zijn), al gauw ingekort tot Blues Boy. Na het succes van Three O´ Clock Blues voldoen de initialen BB.

Gitaar

Het is een publiek geheim dat BB slaggitaar kan spelen noch kan zingen terwijl hij speelt. Dat hij desondanks een centrale positie inneemt binnen het leger naoorlogse gitaristen ligt aan de volstrekt unieke stijl die hij in de loop der jaren ontwikkelt heeft. Zijn scherp omlijnd, bijna jazzy, spel contrasteert sterk met de aardse rauwheid van collega´s als Muddy Waters of John Lee Hooker. De basis daarvoor wordt gelegd als hij een tijdje in Memphis bij zijn oom Bukka White logeert. Vooral diens delicate bottleneckstijl spreekt hem wel aan. Het zal BB echter nooit lukken om fatsoenlijk slide te leren spelen. Als alternatief laat hij zijn vingers razendsnel op de snaren vibreren zodat het geluid toch enigszins in de buurt komt. Die linkerhandvibrato zal zijn handelsmerk worden. White zet King op het spoor van Robert Jr. Lockwood en T-Bone Walker, maar ook jazzgitaristen als Django Reinhardt en Charlie Christianson kunnen zijn goedkeuring wegdragen.

Lucille

Die veelzijdige kijk op de muziek zal BB´s latere uit duizenden herkenbare stijl in hoge mate bepalen. Vooral zijn vaardige ´enkele snaar´ benadering afgekeken van T-Bone Walker is in zijn economische spel terug te horen. ´Waarom duizend noten spelen als je het ook met een kan zeggen?´ is een veel geciteerde uitspraak van hem. King koestert zijn gitaar als ware het zijn eigen vrouw. Sinds het midden van de jaren vijftig in de vorige eeuw heeft ze zelfs een eigen naam. Tijdens een vechtpartij van twee mannen in de club waar BB en band op dat moment speelt breekt een brand uit. Iedereen vlucht het pand uit, maar BB beseft eenmaal buiten gekomen dat hij zijn gitaar is vergeten. Hij rent terug en redt het instrument. Het had hem zijn leven kunnen kosten zoals hij later in een interview memoreert. ´De dag erna bleek dat de mannen gevochten hadden om een barjuffrouw die Lucille heette. Vanaf die tijd noem ik al mijn gitaren zo om me eraan te herinneren dat ik nooit meer zoiets stoms mag doen. Een gitaar kun je vervangen, BB King niet.´

Donderslag

Hoewel BB King een aantal jaren geleden al aangaf dat hij voor het laatst zou optreden is hij tot heden nog regelmatig op een podium te zien. Ook aan de overzijde van de oceaan maakt het `Heintje Davids` effect blijkbaar school. Hoe lang dit zal duren valt zijn leeftijd -een flink eind in de tachtig- nog te bezien. Op plaatgebied bracht hij de laatste jaren echter alleen nog maar kitscherige in stroop gemarineerde platen uit. Tot 2008. Onder productionele supervisie van T-Bone Burnett bracht hij toen het verrassende One Kind Of Favor uit. Een plaat die inslaat als een donderslag bij heldere hemel. De plaattitel is een frase ui Blind Lemon Jefferson´s See That My Grave Is Kept Clean. Dit mag dan misschien een vingerwijzing zijn naar zijn nakende einde, maar sinds mensenheugenis klonk Blues Boy King niet meer zo geïnspireerd.

Selectieve discografie

  • My Kind Of Blues (1960)
  • Live At The Regal (1964)
  • Completely Well (1970)
  • 1949-1950 (1982)
  • Best Of Vol. 1 (1986)
  • Best Of Vol. 2 (1987)
  • King Of The Blues (1992)
  • How Blue Can You Get? Classic Live Performances 1964 To 1994 (1996)
  • The RPM Hits 1951-1957 (1999)
  • The Vintage Years (2002)
  • One Kind Favor (2008)

Links

  • http://www.leerwiki.nl/Wat_is_Blues_Muziek?
  • http://www.leerwiki.nl/Fleetwood_Mac_naar_Nederland
  • http://www.leerwiki.nl/Wie_is_Jimi_Hendrix?
  • http://www.leerwiki.nl/Wie_is_Bo_Diddley
  • http://www.beroemd.gerelateerd.nl/
  • http://www.bekendemuziek.jouwpagina.nl/