Diagnose bij MS

==Hoe weet je dat je MS hebt?==

Inleiding

Diagnose

Als je klachten een neurologische oorzaak lijken te hebben, kan een neuroloog de diagnose gaan stellen. Dit gebeurt aan de hand van de klachten, algemeen neurologisch onderzoek en MRI onderzoek. Onderzoek van het hersenvocht via een ruggenprik kan daarop een aanvulling zijn. Bij Multiple Sclerose (MS) komen bij de patiënt meestal periodes voor met klachten (aanvallen) en periodes van gedeeltelijk of geheel herstel. De klachten en de verhardingen in het zenuwstelsel (scleroses) zijn aan elkaar gerelateerd. Door aanvullend onderzoek worden andere verklaringen voor de klachten uitgesloten, zodat de diagnose MS uiteindelijk overblijft.

Men denkt niet meteen aan MS

Meestal wordt er niet meteen aan MS gedacht, omdat er bij MS zoveel verschillende klachten een rol kunnen spelen. Vaak begint MS met klachten die niet goed ergens specifiek aan toe te schrijven zijn, bijvoorbeeld vage klachten zoals moeheid of duizeligheid. Dat soort klachten kan zoveel oorzaken hebben dat er door de huisarts meestal niet meteen aan MS gedacht wordt. Bovendien verdwijnen die klachten meestal vanzelf weer na verloop van tijd.

Daarna kunnen weer opnieuw allerlei klachten de kop opsteken, die opnieuw vaag kunnen zijn. Zo brengt het dus met zich mee dat de diagnose erg lastig te stellen kan zijn.

Rolstoel?

Verwijzing naar een neuroloog

Wanneer de huisarts het vermoeden heeft dat er een neurologische oorzaak aan de klachten ten grondslag ligt, zoals bijvoorbeeld MS, zal deze u verwijzen naar de neuroloog. Hoewel de diagnose MS niet eenvoudig te stellen is, geldt als vuistregel dat de neuroloog de diagnose MS snel kan stellen of uitsluiten, want natuurlijk kunnen er ook andere neurologische oorzaken van de klachten zijn.

Diagnostisch onderzoek

De neuroloog combineert gegevens over de klachten, het algemeen neurologisch onderzoek en het MRI onderzoek om een diagnose te kunnen gaan stellen. Ook kan soms aanvullend een onderzoek van het hersenvocht (liquor) plaatsvinden. Liquor is een vloeistof die rond de hersenen en in het ruggenmerg stroomt. Dit vocht wordt afgenomen via een ruggenprik. De samenstelling van dit vocht vertoont een afwijking bij MS patiènten.

Differentiaaldiagnose

Meestal vindt er ook een MRI onderzoek van de wervelkolom plaats, waardoor men gegevens krijgt over mogelijke andere aandoeningen die een oorzaak kunnen zijn van de klachten. Dit onderzoeken van mogelijke andere verklaringen voor de klachten worden door artsen de differentiaaldiagnose genoemd.

Wanneer is het MS?

Als aan de onderstaande drie voorwaarden wordt voldaan, wordt de diagnose MS gesteld:

  1. De klachten moeten duidelijk samenhangen met twee of meerdere ontstoken plekken in het centrale zenuwstelsel, wat vastgesteld kan worden aan de hand van het MRI onderzoek.
  1. Vastgesteld moet zijn dat de verharde plekken (scleroses) tegelijkertijd zijn ontstaan, tenminste een maand na elkaar. Dit wordt duidelijk aan de hand van het verloop van de klachten (meerdere ‘aanvallen’) en kan tevens worden geconstateerd op een MRI. Op een MRI kan men het verschil zien tussen oudere en nieuwere beschadigingen.
  1. Andere verklaringen voor de klachten zijn uitgesloten, dus mogelijke andere aandoeningen dan MS. Ook hier speelt MRI een grote rol bij, maar er zijn meerdere onderzoeken waarvan hierbij gebruik gemaakt kan worden.

CIS

De diagnose MS kan soms niet of nog niet worden gesteld. Dat komt voor bij CIS, een Clinically Isolated Syndrome (klinisch geïsoleerd syndroom). Bij CIS is er weliswaar sprake van één of meerdere verharde plekken in het zenuwstelsel, maar er is slechts één periode met klachten geweest (‘aanval’). Het kan dan dus wel MS betreffen, maar even goed een andere neurologische aandoening. Wanneer zich na een tijdje opnieuw een aanval heeft voorgedaan, kan de diagnose MS zeker worden gesteld.