Alternatieve behandelingen ADHD, een overzicht

Inleiding

ADHD is géén ziekte, maar een gedragsstoornis ; die bij 1% tot 9% van alle kinderen voorkomt. De diagnose ADHD kan dan ook niet gesteld worden met laboratoriumtesten maar uitsluitend door het observeren van gedrag en het uitsluiten van andere aandoeningen. Het komt tot wel drie keer vaker voor bij jongens als bij meisjes. Over de oorzaken van ADHD bestaan nog veel vragen, wel is inmiddels, o.a. door tweelingonderzoek, bekend dat er bij 60% tot 70% sprake is van een erfelijke factor. Verder vermoedt men dat alcohol- en nicotinegebruik van de moeder tijdens de zwangerschap waarschijnlijk van invloed zou kunnen zijn. Uit hersenenscanonderzoek van ADHD-kinderen is gebleken dat hun rechterhersenhelft kleiner is en er tevens structuur- en functieafwijkingen werden gevonden.

Behandelingsvormen

Omdat de bij ADHD voorgeschreven medicijnen (Ritalin, Concerta, Equasym XL, Medikinet) serieuze bijwerkingen hebben, die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van het opgroeiende kind, zijn er inmiddels veel alternatieve therapieën op internet te vinden voor het behandelen van ADHD. Echter, net als bij behandeling met medicatie geldt ook hiervoor dat er weinig wetenschappelijk bewijs voor handen is voor de effectiviteit van deze behandelingen. Of de onderzoeksgroepen waren te klein, of niet specifiek genoeg waardoor uitspraken over de betrouwbaarheid van de behandeling niet bewezen geacht worden. In het algemeen wordt wel gesteld dat de alternatieve behandelingen zeker een goede belofte vormen voor de toekomst. Het blijft dan ook uiteindelijk de verantwoordelijkheid van de ouders, om de juiste behandeling te vinden die aansluit bij de individuele behoefte van hun kind.

Welke alternatieve behandelingen zijn er momenteel voor handen?

1. Gedragstherapie: Omdat het bij ADHD gaat om een gedragsstoornis, wordt gedragstherapie vaak aangeboden als behandeling. Hierbij moeten zowel de ouders als de leraren van het kind betrokken, dus getraind worden. Het kind wordt aangeleerd om anders met problemen om te gaan, zijn woedegevoelens te beheersen en op een nieuwe manier te “denken”, om situaties minder negatief te ervaren. Dit vereist een zeer consequente manier van omgaan met het kind. Door middel van time-outs, beloningssystemen met punten en het negeren of bestraffen van ongewenst gedrag ondergaat het kind zelf de voordelen van “aangepast”gedrag. Het is een langzaam en langdurig proces en het vergt behoorlijk wat moeite en doorzettingsvermogen. Het effect van gedragstherapie vervaagt namelijk snel wanneer het niet consequent volgehouden wordt. Er moet tevens aandacht besteed worden aan het opzetten van een georganiseerde dagstructuur.

2. ADHD Neurofeedback, EEG Biofeedback of Hersengolf therapie:

Hierbij wordt uitgegaan van het principe dat de verschillende hersengolven, die door middel van een EEG op papier zichtbaar zijn, iets zeggen over de verschillen in hersenactiviteit. In deze therapie wordt iemand met ADHD getraind op het stimuleren van golven met frequenties waarvan men weet dat ze horen bij positieve hersenactiviteit, zoals concentratie of ontspanning. Tijdens oefeningen op een computer worden de hersengolven gemeten. Op het moment dat de gewenste golven gemeten worden, wordt dat teruggekoppeld (“feedback”) via een beloningssysteem met punten, worden er golven gemeten met ongewenste frequenties, dan wordt dit “bestraft”. Op deze manier kan iemand leren zelf zijn hersenactiviteit in de goede richting te leiden. Ondanks het feit dat deze therapie al heel lang bestaat, bij diverse andere aandoeningen, zoals migraine en epilepsie wordt gebruikt en er veel onderzoek naar is gedaan, is er nog veel onzekerheid over de effectiviteit bij ADHD. Omdat het ontbreekt aan wetenschappelijk bewijs wordt deze behandeling sinds het voorjaar van 2008 niet meer vergoed door de ziektenkostenverzekeraars.

3. Dieet, zoals het Fewfood dieet en het Feingold dieet: Hierbij wordt uitgegaan van de gedachte dat een voedselallergie of -intolerantie de oorzaak is van de gedragsproblemen. Het zijn niet de meest gemakkelijke behandelingen, moeilijk vol te houden voor ouders, zowel als kinderen zonder garantie op resultaat. Desalniettemin komen de meest positieve berichten over deze alternatieve behandeling van ouders.

Bij het Feingold dieet , genoemd naar een vooraanstaand allergoloog en kinderarts, worden voedingsmiddelen waarin salicylzuur zit, zoals vruchten, weggelaten alsmede kunstmatige kleur- en smaakstoffen en conserveringsmiddelen.

Het Fewfood dieet betreft een heel streng eliminatiedieet, ontwikkeld door Lidy Pelsser, van oorsprong dierenarts. Bij huisdieren was dit nl. een reeds lang beproefde methode om voedselallergieën of voedselintolerantie uit te sluiten. Lidy Pellser is deze methodiek gaan onderzoeken bij mensen en heeft inmiddels het ‘OnderzoeksCentrum voor Hyperactiviteit en ADHD’ opgezet. Er wordt hierbij uitgegaan van het feit dat, hoewel suiker en kleurstoffen vaak genoemd worden als oorzaak van gedragsproblemen, het meestal doodgewone voedingsmiddelen zijn die de oorzaak zijn van ADHD. Er mag 3 weken lang alleen rijst, kalkoen, peer en sla gegeten worden, omdat dit als een hypoallergene basisvoeding wordt beschouwd. Bij de onderzoeksgroep kinderen werd hiermee 50 tot 60 % verbetering in het gedrag gezien. Na deze 3 weken worden langzamerhand andere voedingsmiddelen toegevoegd om uiteindelijk uit te zoeken voor welke voedingsmiddelen het kind overgevoelig is. De behandeling bestaat dus uit eliminatie, provocatie en evt. opnieuw eliminatie.

4. Vetzuursupplementen zoals visolie: Hierover bestaan tegenstrijdige berichten. Veel symptomen die we zien bij kinderen met ADHD komen overeen met de symptomen die ontstaan bij een tekort aan essentiële vetzuren. Daarnaast zijn er studies die bevestigen dat er bij kinderen met ADHD sprake is van een abnormale stofwisseling van vetzuren. Helaas geven de onderzoeken naar de effectiviteit van het aanvullen van essentiële vetzuren door middel van supplementen geen eenduidig resultaat. Het onderzoeken van de effectiviteit wordt ook nog eens bemoeilijkt door het verschil in samenstelling van de gebruikte supplementen, waarbij de verhoudingen tussen DHA, EPA, arachidezuur en DGLA van belang zijn, meer nog dan het aanwezig zijn van omega-3 vetzuren alleen.

5. Homeopathische middelen:

Homeopathen hebben geleerd naar de mens als geheel te kijken, met al zijn persoonlijke kenmerken, achtergronden en karaktereigenschappen en richten hun behandeling van de gedragsstoornis dan ook op het individu. In 2001 en 2005 zijn wetenschappelijke publicaties verschenen waarin de effectiviteit van homeopathie bij ADHD aangetoond werd. Maar liefst 73% van de behandelde kinderen reageerde met een klinische verbetering. Desalniettemin wordt ook wel een combinatie van homeopathie met een reguliere behandeling geadviseerd. Ook homeopathie is een behandeling die tijd en geduld vergt. Homeopatische middelen die gebruikt worden bij de behandeling van ADHD zijn onder meer : Agaricus (Vliegenzwam), Arnica (Valkruid), Carcinosinum(*), Hyoscyamus (Bilzekruid), Lachesis (Bosmeesterslang), Medhorrhinum(*), Nux vomica (Braaknoot), Phosphorus (Gele fosfor), Stramonium (Doornappel), Tarentula (Grote wolfspin), Tuberculinum(*), Veratrum album (Witte nieswortel) en Zincum (Zink).

6. Het geven van megavitamines, antioxidanten, ijzersupplementen of sporenelementen: Hierbij gaat men er van uit dat een gebrek aan bepaalde vitaminen of mineralen de oorzaak is van de gedragsproblemen. Dit geldt natuurlijk alleen als er inderdaad daadwerkelijk een tekort is in het bloed. Men moet er ook rekening mee houden dat deze toevoegingen een interactie kunnen vertonen met ADHD medicatie, geeft u uw kind extra voedingssupplementen terwijl er medicijnen gebruikt worden, bespreek dit dan met de arts die de medicijnen voorschrijft.

De voor- en nadelen van een alternatieve behandeling

  • De voordelen van de alternatieve behandelingen mogen duidelijk zijn. Er zijn veelal geen risico’s op bijwerkingen die optreden bij medicijngebruik, zoals slaapproblemen, eetlustgebrek, hoofdpijn, buikpijn enz. De therapieën kunnen toegepast worden op kinderen van alle leeftijden, ADHD medicatie met methylfenidaat is ongeschikt voor kinderen onder de leeftijd van 6 jaar. In de regel zijn de behandelingen veilig, ook op de lange termijn. En in tegenstelling tot behandeling met medicatie is er geen kans op medicijnverslaving of - misbruik.
  • De nadelen zijn hierboven reeds aangestipt. De meeste behandelingen vergen nogal wat inzet, wilskracht en doorzettingsvermogen van de ouders. De effectiviteit van de alternatieve behandelingen is veelal niet wetenschappelijk bewezen. En het kan vooral lang duren voordat men positief resultaat ziet.

De behandeling van ADHD zal pas echte vooruitgang boeken wanneer men een beter inzicht heeft in de oorzaken van ADHD. Er wordt momenteel baanbrekend onderzoek verricht met hersenscans en er is in Nederland veel geld uitgetrokken voor een langdurig gegevensverzamelingsproject waarbij meer dan 900 kinderen gevolgd worden en meerdere medische disciplines betrokken zijn. De onderzoeksresultaten die hieruit voortkomen kunnen zorgen voor een veel gerichtere behandeling van ADHD.

Blijft een feit dat er in de Europese Richtlijnen het advies staat om kinderen met niet al te ernstige ADHD eerst met andere therapieën te behandelen voordat men met medicatie begint.

Links